Het verfoeide 2020

“De beste wensen voor 2021, eindelijk kunnen we dit ellendige jaar achter ons laten.”
“Dat we 2020 maar snel mogen vergeten.” Dat soort nieuwjaarswensen hoorde ik om me heen. Vergeten? dacht ik dan, laten we juist vol stilstaan bij dit jaar. Laten we het onderzoeken, doorgronden, binnenstebuiten keren en van leren. Want wat een waardevolle informatie zit er in dit unieke verfoeide jaar! Dat is mijn nieuwjaarswens.

Om een paar dingen van 2020 te noemen die ik van waarde vind: dat we weer hebben ervaren hoe kwetsbaar we zijn, en niet onfeilbaar. Want dat was al die tijd al een illusie, en dan komt de dood rauwer dan rauw op ons dak. Zo is gebleken. Vele dierbaren zijn begraven.
Dat we zijn stilgezet en daardoor zijn gaan herwaarderen wat heel dichtbij ligt. 
Dat we weer weten wat de vitale beroepen zijn. Dat we de mensen weer zien die we niet kunnen missen. De beroepen die de maatschappij draaiende houden.
Dat alleen de winkels met basisbehoeften nog open mochten blijven. We staan weer eens stil bij wat onze basisbehoeften eigenlijk zijn. Het zoveelste paar schoenen? Onderbroeken, pastasaus, bloemen, boeken, keukenspullen, paracetamol, Hema rookworsten, chips. De muur van chips was ineens helemaal leeg bij onze supermarkt tijdens de lockdown, kennelijk een hele belangrijke basisbehoefte. Er zijn 7 merken chips verkrijgbaar en ieder merk heeft wel 5 smaken: keuze uit 35 soorten chips. Waarom eigenlijk? En wat mis je nou het meest als het erop aan komt? Dat soort vragen hebben zich aangediend. 

Ook kwam in de spotlight hoe we zijn doorgeslagen in onze omgang met dieren, of het nou in megastallen is in de Achterhoek, in veel te kleine kooitjes op fokkerijen in Brabant of op illegale markten in Wuhan. We vangen ze, fokken ze, vergassen en vermalen ze, hakken staarten, slagtanden en schubben af om te verwerken in tassen of medicijnen, dat soort rare dingen doen we met dieren. En dan is daar ineens het dodelijke virus dat via dier op mens wordt overgedragen. Niet de eerste keer. Ebola werd overgedragen via vleermuizen, SARS via civetkatten en de Pest, waaraan ooit een derde deel van alle Europeanen is gestorven, via ratten, via de vlooien op ratten. De ratten (met hun dodelijke gast in de pels) brachten het virus via het ruim van de handelsschepen wereldwijd onder de mensen. Nu gebeurt de verspreiding veel sneller, want we vliegen.
Zouden wij mensen door deze pandemie anders gaan kijken naar reizen? Naar het onbeperkte vliegen dat we zijn gaan doen? Voor €48 euro vliegen naar Istanbul, we weten allemaal dat het niet klopt en dat we daar op een andere manier hoge prijzen voor betalen.

Zo waardevol vond ik het om tijdens de eerste lockdown te zien te zien hoe snel de natuur herstelt als wij mensen binnen blijven! Als wij ruimte geven aan de natuurlijke gang en ons er niet mee bemoeien. Hoe snel dat herstel gaat is heel hoopgevend en heel hard nodig natuurlijk. Dat weet iedereen. De noodklok luidt. 2020 vertelt ons dat er geen enkele reden meer is om te ontkennen, weg te kijken, om te wachten. Klimaat en natuurbehoud hoog op de agenda in 2021.

‘Hopelijk kunnen we zo snel mogelijk weer terug naar normaal’, zag ik regelmatig voorbijkomen op social media. Wat is normaal? Zijn het de excessen waar we de afgelopen jaren aan gewend zijn geraakt? Het normaal is de waan geworden. In de waan moet het comfortabel en leuk blijven. En daarbij denken we dat we veel meer nodig hebben en worden we afhankelijk van omstandigheden en prikkels. Terwijl we met zoveel minder toe kunnen, is gebleken uit afgelopen periode. 
Dus laten we vooral niet teruggaan naar ‘normaal’, zou ik zeggen.
Mijn wens is om elkaar juist niet te betoveren met de waan, niet te doen alsof we dit achter ons kunnen laten en kunnen fixen. Dan blijft de ontreddering en de kwetsbaarheid. Want het volgende virus ligt alweer op de loer. 

Laten we ernaar kijken, naar 2020
als een mijlpaal, een leerschool, een keerpunt.

Laten we onderzoeken en onderscheiden.
De waan van de werkelijkheid scheiden. 
Niet doorschakelen en controle herpakken,
maar verliezen. Kiezen en verliezen. 
Het overbodige loslaten: 
de zaken die ons niet dienen,
die ons betoveren, zoet houden,
verslaven en versplinteren,
maar niet bijdragen.

Dan kan er werkelijk iets veranderen.
Verandering kan niet zonder verlies.
En natuurlijk vraagt dat offers en doet dat ook pijn.
Maar liever de pijn
dan de illusie.
Liever de weerbarstigheid
dan de waan.

Ik toost op de weerbarstigheid en de zoektocht 
naar een oprecht antwoord op 2020.

Marthe van der Noordaa


Denk eraan dat alle wonderlijks dat je bestudeert
het collectieve werk van vele generaties is
waaraan allen hun geestdrift en inzet hebben gewijd.
Dat erfdeel berust nu in je handen die het in eerbied ontvangen,
verder ontwikkelen en straks aan je nageslacht toevertrouwen.
Daarin zijn we onsterfelijk:
samen scheppen we een oeuvre dat ons overleeft.

Albert Einstein (1879-1955)

Mijn knarsende lijf

csm_verwelktebloemen_6d9dbc2a5f

Mijn lijf knarst, piept en hapert aan alle kanten. Dat vind ik jammerlijk van het ouder worden, dat ik de raarste kwalen krijg. Voor de rest vind ik het eigenlijk heerlijk; de diepere rust die ouder worden met zich meebrengt, het mindere moeten, de vanzelfsprekende werking die ik heb in wat ik doe, het meer kunnen genieten. Maar goed die fysieke kwalen dus niet, en vooral lastig dat ze zo lang blijven hangen. Vroeger was het een paar dagen flink niezen, stomen en schudden en weg was de griep. Nu loop ik al een dik jaar met een slijmbeursontsteking die maar niet overgaat. Om maar te zwijgen van mijn waaier aan allergieën, waardoor ik een groot deel van het jaar snotter en slecht slaap. En waar geen kuur, dieet, acupunctuurtraject, ademcursus of wat ik al niet geprobeerd heb, tegenop kan. Soms hoop ik dat heel gezond eten, regelmatig bewegen, op tijd gaan slapen, ’s ochtends koud douchen (of zwemmen), dagelijks een portie pure visolie en gember-kurkumathee, dat dat bonuspunten oplevert.
Maar niets is minder waar. Er is geloof ik geen debet-creditsysteem wat dit betreft. Toen het laatst bij een enthousiaste warming-up in mijn linkerbil schoot en ik vervolgens twee weken amper de trap afkwam, schoot dat door me heen: ‘Ik heb al vijf allergieën en een schouderontsteking, mag deze spierblessure dan even aan me voorbijgaan?’
Ik kreeg geen gehoor.

Ik las in ‘Het einde van de eenzaamheid’ van Benedict Wells (wat overigens een prachtige roman is, indringend en kraakhelder geschreven) een mooie alinea hierover:
“Het leven is geen nulsomspel. Het is ons niets verschuldigd en alles gaat zoals het gaat. Soms terecht, zodat alles zin lijkt te hebben, en soms zo onterecht dat je aan alles gaat twijfelen. Ik trok het masker van het gezicht van het lot af en vond daarachter het toeval.”

Herkenbaar. Wanneer het goed gaat in je leven lijkt het allemaal op z’n plek te vallen en zin te hebben, maar wanneer het anders loopt en de ene tegenvaller over de andere buitelt, kan je aan alles gaan twijfelen. Dodelijk daarbij is de vraag: ‘Wat doe ik fout?’ Dat creëert eigenlijk alleen nog maar meer getob en lijden. Wat wel te doen?
Zomaar wat opties: boos zijn. Huilen. Toch weer iets proberen. Merken dat het niets uithaalt. Teleurgesteld zijn. Mediteren, en daar stiekem een smeekbede in verwerken. Geen gehoor vinden. En dan kan de riedel van boos en teleurgesteld zijn weer van vooraf aan beginnen. Ik ken deze loupes zo goed.
Maar als ik dan de korte route neem, dan kom ik uit bij dat er niets aan te doen is. Dat dit het is. Mijn leven. Mijn lijf. Niet een ander leven, een ander lichaam willen hebben, is eigenlijk waar het om draait.
Dan rest de diepere acceptatie van de pijn, het ongemak en het onvolmaakte. En het mooie vind ik dat ik dan ook weer kan voelen wat er wel is, dat ik in de acceptatie van het gebrekkige, weer oog krijg voor de schoonheid. Liefde voor de rimpels, de stramheid, het feit dat het me al zo lang door dit leven draagt, en zo meer.
Dat betekent houden van mijn knarsende lijf, net zozeer als ik al die jaren heb gehouden van mijn sportieve gezonde lijf. Dat is best een kunst. Maar het geeft veel rust en voldoening om me daarop te richten.

“Geef iemand een vis en hij heeft een dag te eten. Leer hem vissen en hij heeft zijn hele leven te eten. Zo werkt het hier ook. God wil dat we voor onszelf leren zorgen. Hij geeft ons geen vis en verhoort niet al onze gebeden, maar hij luistert wel en kijkt hoe we ons hier beneden zelf leren te redden met ziekte, onrecht, dood en leed. Het leven dient om te leren vissen.”
Benedict Wells

Veel succes met vissen, mocht je dit herkennen, en wie weet zien we elkaar binnenkort ergens aan de waterkant van het leven.